|
|
|
|
Ze zijn meer familie van schorpioenen, mijten en teken.
Spinnen hebben nooit vleugels, de meeste volwassen
insecten wel.
-Er zijn reeds 40.000 verschillende spinnen.-Het zijn echte roofdieren. Ze eten vooral insecten, maar niet alle spinnen maken een web om ze te vangen. Er zijn ook spinnen die achter hun prooi aan jagen. Of er vanaf een verborgen plaats op loeren. Springspinnen verschuilen zich tussen boomschors en onder stenen of tussen planten. Ze hebben eenkleur die niet opvalt in hun omgeving. Ze besluipen hun prooi, springen er bovenop en doden hem met hun gifklauwen. Deze groep spinnen de prooi niet in, maar eten ze meteen op.
Andere vangmethoden zijn die van een
valdeur (bij de valdeurspin) of het besproeien van de prooi met een giftig
slijm, dat direct hard wordt en de prooi aan de ondergrond vastplakt. -Alle spinnen zijn giftig, maar niet allen zijn gevaarlijk voor de mens. - De spinklieren liggen in het achterlijf en komen uit op de spintepels.Door deze opening komt het spinsel naar buiten als vloeistof dat snel droogt. Het spinsel is erg sterk.
-Spinnen krijgen kleintjes. Spinnen die geen web maken houden een soort bruiloftsdans. Gewoonlijk worden de eieren na het leggen verlaten. Het wijfje legt honderden eitjes die ze in een cocon spint. De wolfsspinnen dragen de cocon met zich mee en de uitgekomen jongen verblijven nog enige tijd op de rug van hun moeder. De jonge spinnen van de kruisspin worden het volgend voorjaar geboren. Spinnen uit onze streken houden een winterslaap.
-Als spinnen groeien wordt hun vel te klein, dan vervellen ze en krijgen een nieuw vel. -Spinnenpoten. Webwevende spinnen hebben altijd drie klauwen, waarvan er 2 als kammetjes getand. Met behulp van deze klauwen houdt de spin de draad vast tijdens het weven en kan ze zich vasthouden aan de webdraden als ze de prooi grijpt of het web onderhoudt.
|